Drie manieren om flierefluiten onderdeel te maken van je werkdag (en waarom dat zo goed werkt)

Ledigheid is des duivels oorkussen, is een oud Nederlands spreekwoord. Wie niets doet, gaat immers lopen lummelen en komt in contact met het loerende kwaad. Als je hard werkt en niet loopt te lapzwansen, krijgt de duivel geen kans. Zulke denkbeelden zijn nog steeds alomtegenwoordig. Activiteit wordt gezien als iets goeds en flierefluiten schiet niet op.
Maar even andere dingen doen, is juist belangrijk voor ons brein. Even flierefluiten dus. Het maakt je op de lange termijn productiever en minder moe. Hoe pas je flierefluiten toe in je dagelijks leven? Ik geef hierbij drie tips:

Tip 1: maak een buffer
Zeker als je moe bent, kom je in de verleiding om dingen te gaan doen die we “lekker” vinden, zoals online shoppen of een serie kijken op fijn een stukje twitteren. Maar, zoals je in dit artikel kunt lezen,dat loont niet.
Wat wel loont? Korte pauzes waarin je jezelf even helemaal afsluit van alles wat op werk lijkt. Dus: even dagdromen, op een bankje zitten of met je collega kletsen over de nieuwe vlam van Peter Buwalda. Flierefluiten dus.
Wie even iets anders doet, creëert een buffer in het brein waardoor je je werk beter aankunt. Echter, als je bijvoorbeeld Twitter gaat zitten lezen, gebruik je dezelfde mentale processen als wanneer je aan het werk bent. Dan creëer je dus geen buffer. Sterker nog: je vermoeit jezelf alleen maar meer.

Tip 2: neem pauzes, ook als je je (nog) energiek voelt.
flierfluiterAls je in de morgen denkt dat je de wereld aankunt, lijkt het niet echt nodig om pauzes te nemen. Nee joh, dan trekken we gewoon even door, toch?
Nou,  aan Baylor University ontdekten ze dat veel kleine pauzes het best werken. Als je al vroeg op de dag kleine pauzes neemt, word je minder snel moe en hoef je dus minder te herstellen.

Tip 3: ga je kantoor uit

Zelfs in de bedrijfskantine of bij het koffieapparaat ben je in functie en kun je dus niet echt ontspannen. Het wordt aangeraden om, zeker één keer per dag, helemaal uit je werkomgeving te ontsnappen. Even naar buiten gaan, zorgt dat je minder moe bent aan het eind van de dag volgens onderzoek.

image credits: https://www.theatlantic.com/world/

De handen van Donald Trump: wat wil hij ermee zeggen?

Er wordt wel eens gezegd dat “body language” voor 97% deel uit maakt van je boodschap. Soms zegt men ook wel 55%. Allemaal onzin: je kunt lichaamstaal niet kwantificeren. Maar, dat wil niet zeggen dat lichaamstaal onbelangrijk is. Het blijkt bijvoorbeeld, dat TED-talks met goede handgebaren meer worden gewaardeerd. De Amerikaanse presidentskandidaat Trump heeft handgebaren die nogal opvallend zijn.  In deze blog zal ik er drie bespreken:

      1. “Het vingertje”
        vingertjeAls Trump over Clinton praat, dan wijst hij vaak naar haar met zijn wijsvinger, of ze zich nu in dezelfde ruimte bevindt of niet.Een opgeheven vingertje wordt meestal niet gewaardeerd door gesprekspartners en het publiek. Het wordt gezien als betweterig en beschuldigend. Normaal gezien proberen sprekers zo’n vingertje dan ook te vermijden.
        Door Trump wordt het waarschijnlijk gebruikt om uit te stralen dat hij controle heeft over de situatie. En over … Hilary.
      2. “De open armen”
        Republican presidential candidate Donald Trump speaks during a campaign stop at Farmington High School, Monday, Jan. 25, 2016, in Farmington, N.H. (AP Photo/John Minchillo)
        (AP Photo/John Minchillo)

        Als iemand zijn handpalmen naar je wendt, wordt dit vaak gezien als een gebaar van openheid. Immers, van oudsher betekent zoiets : ik heb geen wapens.

        Zo is het bij Trump waarschijnlijk niet bedoeld, volgens professor Beaty, die hoogleraar is in de psychologie en auteur van Rethinking Body Language
        Trump probeert, volgens Beaty,  een wij-gevoel te scheppen. Hij wil tonen dat hij tot dezelfde groep behoort als het publiek. Hij zegt “kijker, je en ik zitten op één lijn”

      3. “Het OK-gebaar”trump3 Wat Trump erg vaak doet, is het OK-gebaar met zijn duim en wijsvinger. Er wordt gezegd dat zo’n gebaar precisie en controle uitstraalt. Maar, het kan natuurlijk ook zijn dat hij het publiek probeert te beïnvloeden door hen steeds te confronteren met het gebaar voor OK. Op den duur ga je vanzelf Trump en OK met elkaar associëren.

Jammergenoeg kunnen we niet meten of de gebaren de waardering van Trump beïnvloedt, net als het deed bij de TED-talks. Zijn boodschap en persoon zijn al zo alom bekend, dat je geen nietsvermoedende mensen meer kunt vinden die objectief kunnen kijken naar zijn speeches. Ik kan hier dus ook geen advies op baseren …
Wat wel duidelijk is, is dat de gebaren gezien worden, bijvoorbeeld door Happy Toast die consequent vlaggetjes in de foto’s shopt. En, de debatten zijn ook gevoelig voor nasynchronisatie. De Guardian heeft daar zelfs een heel artikel aan gewijd, met een glansrol voor onze eigen Sander van de Pavert:

Schrijven raakt verankerd in het brein? Hersenonderzoek naar verzinnende en kopiërende schrijvers

 

 

Hoe krijg je een beeld van het schrijvende brein?Je kunt toch moeilijk mensen laten schrijven terwijl ze een MRI-scan ondergaan? Nou, dat kan dus wel. Martin Lotze van Universität Greifswald deed het: hij maakte een schrijftafeltje met een stuk papier erop, dat makkelijk te gebruiken was als proefpersonen onder de scanner gingen.

Overschrijven en creatief schrijven
Lotze liet zijn proefpersonen eerst een tekst overschrijven, daarna liet hij hen een verhaal afmaken in hun eigen woorden. Hij zag een duidelijk verschil tussen de kopiërende en de verzinnende schrijvers: bij de mensen die het verhaal afmaakten, lichtten ook visuele delen van het brein op.

Visuele centra en spraakcentra
Maar er is meer: het onderzoek werd zowel gedaan bij mensen die slechts weinig ervaring hadden met schrijven als met mensen die meer door de wol geverfd waren. De ervaren schrijvers hadden minder activiteit in het visuele deel van de hersenen: bij hen kwamen juist de spraakcentra meer in actie.

Caudate Nucleus
Ook was bij de ervaren schrijvers de caudate nucleus  (“staartkern”) geprikkeld, terwijl deze bij de nieuwelingen geen activiteit liet zien. De caudate nucleus is een kern in de hersenen van veel diersoorten, het is een belangrijk onderdeel bij het leren en herinneren, met name voor het verwerken van terugkoppeling. De caudate nucleus is een hersengebied dat een grote rol speelt bij het oefenen van vaardigheden. De caudate nucleus coördineert de hersenactiviteit als je iets doet wat routine voor je is.

tmp148_thumbAutomatisme
Het lijkt er dus op, dat ervaren schrijvers andere strategieën in hun brein laten werken dan de nieuwelingen. Mogelijk hebben ervaren schrijvers een innerlijke stem die bij het schrijven naar voren komt, terwijl de nieuwelingen het verhaal meer voor zich zien. En, voor de oude rotten is schrijven meer een automatisme., als het aan hun brein ligt dan toch.

Hersenonderzoek
Er is veel te zeggen over de uitvoering van dit onderzoek: zo is de schaal nogal klein, het was een erg specifieke taak en er zijn weinig proefpersonen. Je kunt de uitkomsten zeker niet generaliseren. Maar, het feit dat hersenonderzoek naar schrijven is begonnen, is goed nieuws. In de toekomst kunnen we dus steeds meer zeggen over het succes van het ontwikkelen van vaardigheden. En, één van de uitkomsten lijkt onomstotelijk: schrijven is te trainen én onder de knie te krijgen. Vraag het maar aan je caudate nucleus.

 

Lees hier meer:  http://www.sciencedirect.com/science/article/pii/S1053811914004613

Waarom is het niet slim om vaak te zeggen dat je niet wil piepen?

Over televisiepresentator Johnny de Mol wordt geschreven dat hij niet klaagt over heftige omstandigheden tijdens het maken van zijn programma’s. Met die zin is iets geks. Je begrijpt de informatie in eerste instantie prima, maar wat van zo’n constructie overblijft op termijn, is juist het verband tussen ‘Johnny’ en ‘klagen over de omstandigheden’. De specifieke formulering verdwijnt.

In ons brein bevinden zich netwerken. Als je een woord hoort, worden veel andere woorden uit dat netwerk geactiveerd.Wie straat zegt, laat bij zijn toehoorders bijvoorbeeld ook de woorden “zebrapad” en “asfalt” oplichten. Ook als je zegt dat je niet op straat bent, blijft bij ons iets hangen van dat beeld. Dus, bij Johnny wordt dus iets vast gepind met “klagen” en “heftige omstandigheden”. Dat Johnny juist dit verband wil vermijden, beklijft niet.

Praeteritio
Het artikel gaat verder met: “Ik ben de laatste om te gaan piepen of zeuren dat ik het zwaar of heftig vind”.En verder vinden we in het artikel zinnen als “De presentator en acteur hoeft dan ook niet lang bij te komen van televisieopnames” en”Ik ga niet na de opnames in mijn hutje zitten”.
Wie zegt dat ‘ie het ergens niet over wilt hebben, doet het intussen toch. ‘Praeteritio’ heet deze  techniek officieel. Deze techniek is al eeuwen bekend in de retorica.  Letterlijk betekent praeteritio ‘voorbijgaan’. De praeteritio is heel geschikt om op een terloopse manier ergens de aandacht op te vestigen.

56991Nooit een bikkel
Wie weet wordt de praeteritio ingezet hier door De Mol. Hij heeft het in de laatste zinnen over de losse opvoeding, waar hij geen voorstander van is “Als je altijd achter de PlayStation mag, (..) dan word je nooit een bikkel.”
Wie weet is dat de crux en wil hij met zijn “niet zeuren” “niet bijkomen” en “niet klagen” juist stiekem zeggen: Johnny is een stoere jongen. Johnny is een bikkel. Eén advies Johnny: zeg dat dan gewoon, zonder een blik ontkenningen open te trekken. De netwerken zijn nu namelijk in actie gekomen en dat is onomkeerbaar. Het stuk zegt echt te vaak “niet”.

 

Bronnen:
http://tekstblad.nl/artikel/de-onbedoelde-kracht-van-de-ontkenning-zeg-niet-wat-je-n%C3%ADet-wilt